Conferentie 9 mei 2012
Moeder in de gevangenis; wie let er op de kleintjes?
Jaarlijks worden in Nederland zo’n 4.000 minderjarige kinderen op zichzelf teruggeworpen, als hun moeder achter de tralies moet. Het maatschappelijk werk, jeugdzorg, de kinderbescherming, reclassering, de Centra voor Jeugd en Gezin: veel verschillende organisaties nemen een deel van de begeleiding van deze ‘gebroken’ gezinnen op zich. Toch – of juist daarom – vallen er gaten in de ketenverantwoordelijkheid. De hulp van de vrijwilligers van Humanitas Gezin in Balans komt dan als geroepen. Met hun laagdrempelige ondersteuning staan zij dicht bij het gezin. Moeten zij zich ook eindverantwoordelijk voelen?
Forumdiscussie: vrijwilligers niet eindverantwoordelijk
‘Zeker niet’, betoogde Ine Aasted-Madsen in de forumdiscussie. Zij is lid van de Provinciale Staten Limburg en binnen Humanitas onder meer actief in de Stuurgroep ‘Wie let er op de kleintjes?’ en het bestuur van afdeling Parkstad.
Aasted-Madsen: ‘Het risico van ketenverantwoordelijkheid is dat alle betrokken professionals verantwoordelijk zijn voor een deel van de zorg, maar dat niet duidelijk is wie de eindverantwoordelijkheid draagt. Eén van professionals zal de eindverantwoording moeten nemen en dit kan per casus verschillen. Onze vrijwilligers die betrokken zijn bij het gezin moeten bij de professionals aan de bel kunnen trekken als zij contrateren dat er hiaten in de keten ontstaan. Zij nemen niet de taak van de professional over, maar ondersteunen het gezin bij het verkrijgen van de zorg die nodig is’.
Vrijwilligers waardevol
Tijdens de conferentie liet Pascale Zegers, coördinator Gezin in Balans, aan de zaal een gedeelte uit de training voor vrijwilligers zien. Aasted-Madsen: ‘Deze training maakt één ding heel duidelijk: als vrijwilliger kun je veel voor deze kinderen betekenen, wie je ook bent en wat voor kennis en ervaring je ook meebrengt. Deze mooie boodschap kwam goed aan in de zaal’.
Geslaagde start
De komende drie jaar wil Gezin in Balans minimaal 150 begeleidingstrajecten voor kinderen (en hun netwerk) realiseren, en voor even zo veel kinderen een succesvol bezoektraject tijdens de gevangenschap van hun moeder. De stuurgroep ziet er onder meer op toe dat het projectplan wordt uitgevoerd zoals bedoeld. ‘Vandaag is het project in elk geval goed neergezet’, zegt stuurgroeplid en manager bij de Raad voor de Kinderbescherming Madelon van Berne. ‘Ik vond het belangrijk om te horen hoe het project en de speerpunten worden geborgd. Deze conferentie is hiertoe een eerste geslaagde stap.’



