Handen wassen – manier en momenten

25 maart 2020

Handen wassen is de beste manier om infecties en ziektes te voorkomen. Via de handen verspreiden ziekteverwekkers zich makkelijk. Door regelmatig je handen te wassen met water en zeep, verklein je de kans dat je zelf of iemand in je omgeving ziek wordt. Handen wassen heeft alleen zin als je het op de juiste manier en op de juiste momenten doet.

De juiste manier van handen wassen

Goed handen wassen doe je zo

  • doe hand- en polssieraden af: ringen, armbanden en horloges (beter nog: laat sieraden achterwege, onder sieraden blijven vuil en bacteriën gemakkelijk zitten)
  • gebruik schone materialen: stromend water, vloeibare zeep en een papieren wegwerphanddoek of een stuk keukenpapier
  • maak je handen goed nat
  • neem voldoende vloeibare zeep uit een wegwerppompje
  • neem de tijd; was je handen minimaal 20 seconden
  • wrijf je handen daarbij over elkaar, zorg dat de binnen- en buitenkant goed bedekt zijn met zeep
  • wrijf goed al je vingertoppen in, ook je duimen, nagelriemen, handpalmen, tussen je vingers en onder je nagels
  • neem je polsen mee
  • doe het op de juiste manier (pdf | 1 pagina | 834 kB)
  • spoel de zeep zorgvuldig van je handen af met flink stromend water
  • droog je handen goed af met een papieren wegwerphanddoek of een stuk keukenpapier, ook de huid tussen de vingers
  • sluit de kraan met de papieren wegwerphanddoek die je direct daarna weggooit, gebruik bij een elleboogkraan je elleboog

De juiste momenten om handen te wassen

Was je handen

  • als ze zichtbaar vies of vuil zijn
  • telkens wanneer je een mondkapje opzet of afdoet
  • voor en na het klaarmaken van eten
  • na het aanraken van rauwe ingrediënten: vlees, vis, gevogelte, groente, eieren (bijvoorbeeld bij het breken van eieren)
  • voor en na het eten van voedsel
  • voor je de deur uitgaat
  • voor en na het gebruik van een toilet of wanneer je iemand anders geholpen hebt om het toilet te gebruiken
  • na hoesten en niezen, zeker bij het koken
  • na het snuiten van je neus
  • voor en na het aanraken van je ogen, neus, mond of gezicht
  • voor en na het verschonen van een luier
  • voor, tijdens en na de zorg voor een zieke
  • na contact met vuil textiel
  • na het schoonmaken, dus ook na gebruik van een vaatdoek
  • na het weggooien van afval
  • na contact met huisdieren of andere dieren: aanraken, aaien, knuffelen
  • na het buitenspelen
  • na een bezoek aan een openbare ruimte (openbaar vervoer, supermarkt)
  • na het aanraken van oppervlakken buitenshuis, zoals deurknoppen, tafels, winkelwagens of geld
  • als je thuiskomt of wanneer je ergens anders naar binnen gaat waar je langere tijd verblijft

Wen ook kinderen aan om regelmatig de handen te wassen, bijvoorbeeld na het gebruik van het toilet, na het aaien van huisdieren of dieren op de kinderboerderij, na het buitenspelen in de zandbak en voor het eten.

Alles wat je meer doet dan water en zeep heeft geen zin en heeft als bijkomende nadelen dat het slecht is voor je portemonnee en voor je huid. Desinfecterende zeep gebruiken is niet nodig, wassen met water en zeep is voldoende.

Onderweg

Als er geen stromend water aanwezig is, dan is het gebruik van een desinfecterende handgel op alcoholbasis een alternatief. Alcoholgel is alleen handig voor onderweg; het werkt alleen als er geen zichtbaar vuil op de handen zit. Een flesje handalcohol in je tas zorgt ervoor dat je altijd je handen goed kunt reinigen.

Terug naar het nieuwsoverzicht