Vrijwilliger Joeri vertelt

Acht jaar geleden verhuisde Joeri Weeda (37) vanuit Nijmegen naar Utrecht om na de studie Geschiedenis zijn eerstegraads bevoegdheid tot docent Geschiedenis en Staatsinrichting te halen. ‘Ik was daarnaast op zoek naar zingeving en wilde als vrijwilliger iets nuttigs doen voor een ander. Toen ben ik op internet gaan zoeken en kwam ik uit bij Humanitas Utrecht die vrijwilligers zochten voor het Maatjesproject voor  Slachtoffers van Mensenhandel. ‘Tegenwoordig richten wij ons ook op slachtoffers van eergerelateerd en seksueelhuiselijk geweld en arbeidsuitbuiting. Allemaal mensen met een trauma.’

Door: Ivo Hermsen
Foto’s: MediaMakers VC Utrecht | Lucy Nieuwdorp

De mensen die worden begeleid door de vrijwilligers van Humanitas zijn allemaal doorverwezen door de hulpverlening. ‘Het is de taak van onze maatjes om vooral leuke dingen met ze te ondernemen waardoor ze de stad leren kennen en hen te helpen aan een netwerk.’ De vrijwilligers werken nauw samen met de professionele hulpverleners, maar hebben hierbij ook een signalerende functie. ‘Staat er bijvoorbeeld alleen bier in de koelkast, dan geven wij dat door. Als er een blauwe enveloppe van de Belastingdienst op de mat valt is het prima om hierbij te helpen, anders wordt het als ze met een tas vol ongeopende brieven komen aanzetten. Zodra het teveel de rol van hulpverlener wordt, is het tijd om er met de coördinatoren over te praten. Je doet het vrijwillig, laten we wel wezen. Je moet er ook blij van worden en er energie voor terugkrijgen.’

Joeri voelt van meet af aan een klik met de rol die de Utrechtse vrijwilligersorganisatie inneemt. ‘Humanitas gaat uit van de gelijkwaardigheid van mensen. Het uiteindelijke doel is mensen empoweren: mensen helpen om zichzelf te helpen.’ Sinds zeven jaar is hij één van de twee vrijwillig coördinatoren van het Maatjes-project. ‘Mensen weten dat als ze Vera of mij een mailtje sturen, ze snel antwoord krijgen. Het gaat over serieuze dingen, die moet je serieus nemen.’

Joeri weet waar hij het over heeft. Zelf is hij twee jaar lang maatje geweest van een man uit Sierra Leone. ‘Bij het project gaat het om alledaagse activiteiten zodat ze even vergeten dat ze slachtoffer zijn. Ik ging met hem naar bootcamp of ik kookte met hem. Althans, hij kookte en ik schilde de aardappelen. Je hebt heus geen zes academische graden nodig om een ander te helpen. Je moet ze als gelijke behandelen en ze laten weten dat ze er, ongeacht hun voorgeschiedenis, mogen zijn. Ik stuurde hem altijd een ansichtkaart als ik op vakantie ging. Thuisgekomen vertelde hij me hoe geweldig hij het vond dat ik tijdens mijn vakantie aan hem dacht.’

Officieel staat er 8 uur per week voor zijn vrijwilligerswerk. ‘Soms kom ik hier aan, soms ook niet.’ Twee keer per jaar houden de coördinatoren evaluatiegesprekken met de vrijwilligers, daarnaast organiseren ze soms verdiepingsbijeenkomsten. ‘Laatst kregen wij een vraag over meervoudige PTSS. Toen hebben wij een psychiater bereid gevonden hier over te vertellen. Het is belangrijk dat maatjes handvatten krijgen om met problematiek om te gaan.’

Sinds september zijn zowel Vera als Joeri gestopt als coördinator. ‘Met pijn in het hart, want dit project voelt echt als ons kindje. Eind mei ben ik vader geworden van dochter Luna Maria en met dat in het achterhoofd moet ik keuzes maken. Daarbij weet ik dat het project Maatjes Slachtoffers Mensenhandel nu al in zeer goede handen is bij onze opvolger Joanne. Nieuwe vrijwilligers blijven overigens altijd meer dan welkom! We hebben nog wel wat mensen die wachten op een maatje.’

Terug naar het nieuwsoverzicht