Zoetermeer

Gezelschapsspelletjes en pannenkoeken

Langzaam glijden mijn ogen over de vrouw, die wat onwennig naast haar buurvrouw op de bank zit. Ik weet nog goed wanneer ik haar voor het eerst zag. Haar gezin was het eerste dat ik onder mijn hoede kreeg als vrijwilligster van Humanitas. Al snel zag ik wat het probleem was, maar in mijn enthousiasme ging ik veel te voortvarend van start. Ik wilde ijzer met handen breken. Veel te ambitieus, zo bleek al snel. Een volgende stap in het proces is een bezoek aan de buurvrouw. Nog geen steenworp afstand scheidt beide huizen, maar toch zijn de vrouwen wildvreemden voor elkaar.

“Heb je kinderen?” hoor ik de buurvrouw vragen. Een glimlach kan ik niet onderdrukken. Door de problemen met de opvoeding van haar jongste kind ben ik met mijn cliënt in contact gekomen. Ik weet nog dat ik wel een beetje schrok van wat ik aantrof tijdens mijn eerste bezoek. De kleine tiran schreeuwde het hele huis bij elkaar. Het verbaast me dat de buren überhaupt nog moeten vragen of er een kind in huis is, dat zouden ze toch zeker gehoord moeten hebben. Door het enorme geluid dat de driejarige jongen opzette, durfde niemand hem tegen te spreken. Zijn zusjes en broer gaven hem zonder meer zijn zin, net als zijn eigen moeder. Het was voor hem het teken dat wat hij deed de goede manier was om te krijgen wat hij hebben wilde. Ik heb de andere gezinsleden geleerd om hem te negeren als hij zich op een schreeuwerige manier tot hen wendde. Toen hij begreep dat dit niet meer de juiste manier was om zijn zin door te drijven, was het over. De rust in huis en de straat moet wennen geweest zijn.

Met een tevreden gevoel kijk ik naar de twee vrouwen tegenover mij, die op de bank verwikkeld zijn in een gezellig kletspraatje over hun kinderen. Terwijl ze rustig een slok koffie nemen, komen ze tot de conclusie dat op een paar meter afstand iemand in dezelfde situatie verkeert. Nu hadden ze gewild dat ze eerder met elkaar in contact waren gekomen. Moet je mijn cliënt nu zien zitten. Toen ik voor het eerst bij haar kwam wist ze niet wat ze met de opvoeding van haar jongste kind aan moest en was ze erg eenzaam en korte tijd later heeft ze plezier in een gesprek met de buurvrouw die soortgelijke ervaringen met haar kan uitwisselen. Soms heb je een steuntje in de rug nodig om de stappen te zetten, maar uiteindelijk gaat ze zelf het gesprek aan. Dat is prachtig om te zien.

Dit was nu alweer enige tijd geleden. Inmiddels zit ik in de woonkamer van mijn cliënt, om te kijken hoe het nu met haar en haar gezin gaat. Wat ik zie, bevalt me. De situatie is nog altijd verre van ideaal, maar de progressie die in enkele jaren is geboekt is duidelijk. Glimlachend kijk ik naar het potje ganzenbord dat voor ons op de tafel ligt. Mijn ogen glijden over de pionnen, totdat ik dat van mezelf helemaal achteraan tegenkom. “Jij bent,” hoor ik de jongste zoon zeggen. Ook de omgang met hem is verbeterd, al is hij eveneens nog altijd niet het ideale kind.

“De kans dat ik die achterstand nog inloop, is klein,” antwoord ik. “Wat zouden jullie ervan denken om samen pannenkoeken te bakken?” Gevolgd door de kinderen vind ik mijn weg naar de keuken, zodat we samen voor een lekkere middagmaaltijd kunnen zorgen. Hoe kan een gezin in enkele jaren zo erg veranderen? Geldproblemen spelen nog altijd een grote rol binnen het gezin en de jongste zoon is weliswaar nog steeds brutaal en moeilijk om mee om te gaan, maar het is al zeker gezelliger dan toen ik hier voor het eerst kwam. En ze hebben het grotendeels zelf gedaan, met een beetje hulp van mij en de coördinatoren, die ik altijd om advies en hulp kon vragen als dat nodig was. Wat een heerlijk en dankbaar vrijwilligerswerk heb ik toch!

Gebaseerd op de ervaringen van Wilma Fanoy.

Terug naar het nieuwsoverzicht