Ankerclubwerk

Voor de hangjongeren van toen

Ook pal na de oorlog waren er hangjongeren – destijds 'massajeugd' of 'ongeorganiseerde arbeidersjeugd' genoemd. Samen met drie andere partijen richtte Humanitas voor hen de zogenaamde 'Ankerclubhuizen' op.

Waar was het 't Ankerclubwerk om te doen? Een artikel uit 1955 in het blad Van Mens tot Mens licht een tipje van de sluier op. De schrijver ervan, H.W. de Wit, verwoordt het als volgt:

Moppen, onfrisse praatjes en wat dies meer zij

'Groepen jongeren hingen op straat rond, of in eet-, ijs- en gebakswinkels. In deze gelegenheden was het niet pluis. Jongeren besteedden vaak hier al hun spaargeld. Bovendien ontaardden gesprekken in deze winkels tussen jonge mensen vaak in 'het tappen van moppen, onfrisse praatjes en wat dies meer zij.'

Ankerclubhuizen

Om de jongeren houvast te geven, richtte Humanitas Ankerclubhuizen op, samen met de Arbeiders Jeugd Centrale, het Nederlands Verbond van Vakverenigingen, en het Humanistisch Verbond.