Transseksualiteit en genderdysforie

Ongehagen over het biologisch geslacht

Een geslachtsverandering of twijfel over de geslachtsidentiteit is ingrijpend, voor de betrokkene zelf én voor zijn omgeving. In de jaren tachtig bestond hiervoor geen professionele hulpverlening.

Er was alleen hulp aan transseksuelen in combinatie met hulp aan travestieten. Daarom trok Humanitas in 1984 een maatschappelijk werkster aan, die gespecialiseerd was in transseksualiteit en genderdysforie. Zij gaf psychosociale zorg aan transseksuelen en genderdysforen, en hun familie.

In zelfhulpgroepen, begeleid door vrijwilligers die het proces zelf ook hadden doorgemaakt, werden medische problemen besproken, maar ook de sociale gevolgen van een (voorgenomen) geslachtsverandering.

Genderkinderen

In 1997 kwam er ook een zelfhulpgroep voor ouders van genderdysfore kinderen. Zij hadden de behoefte om hun kinderen beter te begrijpen om hen beter kunnen begeleiden. ‘Genderkinderen’ zijn kinderen die zich meer van het andere geslacht voelen en zich ook zo gedragen.

De psychologische en psychosociale zorg aan mensen met genderdysfore gevoelens en hun omgeving is tegenwoordig ondergebracht bij de landelijke organisatie Transvisie Zorg.